024 – 30 30 390 algemeen@alkemadevanpassel.nl
Selecteer een pagina

Voor menig werkgever vormt de transitievergoeding een behoorlijke aanslag op de portemonnee. Werkgevers zijn de transitievergoeding ook verschuldigd bij opzegging van de arbeidsovereenkomst wegens langdurige arbeidsongeschiktheid. Er zijn dan ook werkgevers die er voor kiezen om de arbeidsovereenkomsten met hun langdurig arbeidsongeschikte werknemers niet op te zeggen, maar deze arbeidsovereenkomsten te laten doorlopen oftewel slapend te houden.

Daaraan kleven risico’s voor de werkgever zoals het risico dat de langdurig arbeidsongeschikte werknemer na verloop van tijd zodanig is hersteld dat het dienstverband weer “actief wordt” en de loonbetalingsverplichting herleeft.

 

Wetsvoorstel compensatie transitievergoeding

Het wetsvoorstel “houdende maatregelen met betrekking tot de transitievergoeding bij ontslag wegens bedrijfseconomische omstandigheden of langdurige arbeidsongeschiktheid” strekt er onder meer toe om dit slapend houden van arbeidsovereenkomsten terug te dringen. Dat gebeurt door werkgevers een compensatie te bieden (vanuit het Algemeen Werkloosheidsfonds) voor de door hen betaalde transitievergoeding bij ontslag van werknemers (waaronder begrepen een beëindiging met wederzijds goedvinden) wegens langdurige arbeidsongeschiktheid. Deze compensatie wordt mogelijk geboden met terugwerkende kracht tot 1 juli 2015 (dat wil zeggen voor gevallen waarin de arbeidsovereenkomst op of na 1 juli 2015, datum van inwerkingtreding van de wijziging van het ontslagrecht, is geëindigd of niet is voortgezet).

Dit wetsvoorstel is in verband met het demissionair worden van het vorige kabinet Rutte controversieel verklaard. Hierdoor was onzeker of het wetsvoorstel aangenomen en als wettelijke regeling ingevoerd zou gaan worden. Deze onzekerheid is er nog steeds, maar de invoering is wel een belangrijke stap dichterbij gekomen nu het Regeerakkoord zegt dat het wetsvoorstel moet worden “doorgezet”. Zie pagina 23 van het Regeerakkoord 2017 onder “Oplossingen voor knelpunten op de arbeidsmarkt”.

 

Belang praktijk

Voor de praktijk is onder meer van belang dat het wetsvoorstel niet uitgaat van een volledige vergoeding van wat op enig moment aan transitievergoeding is betaald. Het gaat uit van een compensatie waar een werknemer recht op zou hebben op het moment dat de loondoorbetalingsplicht eindigt. Dit is overigens niet enige beperking. Aan het door laten slapen van het dienstverband na laatstgenoemd (peil-) moment kan dus een prijskaartje hangen in de vorm van een (steeds groter wordend) niet-compensabel gedeelte van de eventueel nog aan de langdurig arbeidsongeschikte werknemer uit te betalen transitievergoeding (dat stijgt met het voortduren van het dienstverband).

Hoewel het wetsvoorstel nog geen kracht van wet heeft, werpt het zijn schaduw vooruit en zal het voor veel werkgever van belang zijn om mede aan de hand hiervan het beleid ten aanzien van het wel of niet slapend houden van dienstverbanden nader te bepalen.

Update feb. 2019: over dit onderwerp is een aanvullend artikel verschenen. Klik hier om het artikel te lezen.

Neem voor meer informatie contact op met:

mr. W.J.B.M. Alkemade